Johan Van Duyse over KMO’s en engagement

Bijgewerkt: 28 jun 2018

Wij interviewden dhr. Van Duyse, strategisch adviseur KMO’s bij SD Worx, vlak voor hij met pensioen ging en vroegen hem naar zijn plannen en wat hem opviel tijdens zijn adviseurschap bij kleine en middelgrote ondernemingen (KMO).


Johan Van Duyse als gids in Flanders Fields

Johan Van Duyse: Wat mij opviel is de absolute klantgerichtheid van KMO door een veelheid aan oorzaken. Ik denk aan dicht bij de klant staan, het verband tussen klanttevredenheid en inkomen zien en een groter gevoel van betrokkenheid bij de (eigen) zaak. Dat zijn dingen die moeilijker te realiseren zijn in een bijhuis van een multinational of in een beursgenoteerd bedrijf waar er een afstand is tussen eigenaars en leidinggevenden. Maar dat is een gevoel dat ik trachtte te bevestigen door onderzoek.


GeenPoespas: Heeft u verifieerbare onderzoeksresultaten die uw gevoel ondersteunen?


Johan Van Duyse: Zeker, bij SD Worx voeren wij geregeld onderzoek uit naar engagement bij KMO’s. We deden een rondvraag bij bijna 600 KMO zaakvoerders. De resultaten van dat laatste onderzoek zijn sprekend.

Dit zijn de voornaamste resultaten in een notendop:

· Gewoon elkaar helpen is het ultieme bewijs van engagement van medewerkers.

· Kmo-zaakvoerders willen vooral het individueel talent stimuleren om engagement te verhogen

· Collectieve inspanningen brengen minder resultaat op

· Klanten en collega’s motiveren meer dan directe leidinggevende of zaakvoerder.

‘Spontaan collega’s helpen’
dàt is het ultieme bewijs van engagement.

Johan Van Duyse


Wat we in de studie lezen

De studie bevestigt de relatie tussen klantnabijheid = klantgerichtheid = directe feedback = engagement. Het is een keten die gemakkelijk gebroken geraakt als het bedrijf groter wordt.

Engagement zit in de dagdagelijkse dingen

KMO’s ervaren een medewerker het meest als geëngageerd indien hij/zij

spontaan collega’s helpt. Daarnaast is meedenken over de toekomst van het bedrijf een eigenschap

waarbij medewerkers hun collega’s als geëngageerd ervaren, net als opgedragen taken kwaliteitsvol uitvoeren.

Eigenschappen die het minst met engagement geassocieerd worden, zijn, in volgorde van belangrijkheid

1) Als hij ook buiten de werktijd contact heeft met het bedrijf

2) Als hij (sociale, familiale, …) activiteiten organiseert voor het bedrijf

3) Als hij kennissen stimuleert om bij ons te komen solliciteren

Zaakvoerders zien geen verschil in engagement tussen oudere of jongere medewerkers, tussen mensen met hoge of lage anciënniteit, integendeel zelfs, maar vinden wel dat het engagement tien jaar geleden ‘hoger’ was dan nu het geval is. Naarmate het bedrijf groter wordt, stijgt deze constatatie. Bij bedrijven met meer dan 50 medewerkers is dit zelfs meer dan 60%.

Engagement heb je zelf in handen

Zaakvoerders zijn er zich van bewust dat ze zelf heel veel kunnen en moeten doen om het engagement van hun medewerkers te verhogen. Oog voor individueel talent is voor hen prioriteit nummer één, gevolgd door erkenning van hun kwaliteiten en resultaten en duidelijke waarden en normen.

Veelbesproken zaken als thuiswerk, team buildings en een algemene loonsverhoging zorgen er volgens de KMO’s het minst voor dat het engagement bij de medewerkers verhoogt.

Ze doen het voor klant en collega

Medewerkers zijn in de eerste plaats geëngageerd voor hun klanten (36,8%) en vervolgens voor het bedrijf (32,6%) en zijn in mindere mate geëngageerd voor hun collega’s, directe leidinggevende en zaakvoerder, zo besluiten de zaakvoerders van de KMO’s

Tot zover de resultaten.


GeenPoespas: Hoe interpreteert u die resultaten?


Johan Van Duyse: Dit is op het eerste zicht toch wel een verrassende rangschikking die onze zaakvoerders geven: ‘je collega’s spontaan helpen is het grootste bewijs van engagement’. Maar ervaren we niet dagelijks op de werkvloer dat het inderdaad klopt als een bus? De zaakvoerder ziet het engagement in de kleine dingen, meer nog dan in meer extraverte, sociale, opvallende uitingen. Het is een scherp, raak inzicht op hoe engagement zich uit.

Zaakvoerders van KMO’s ervaren dagelijks dat een tevreden klant de medewerker stimuleert, motiveert en engageert. En hij beseft ook dat het eigen bedrijf maar best voor een goed imago en dito reputatie zorgt, zodat zijn medewerkers fier zijn ‘hier’ te mogen werken.

Zaakvoerders van KMO's zijn ook voorzichtiger qua tewerkstelling. Ze denken drie keer na vooraleer ze een extra medewerker aanwerven, en liggen wakker van het feit dat ze een goede werknemer moeten ontslaan om economische motieven. Het betekent ook dat wanneer de 'kleintjes' gaan aanwerven, het echt goed gaat met de economie. En dat zien we nu toch al enkele jaren na elkaar gebeuren.


GeenPoespas: U gaat binnenkort met pensioen, blijft u op één of andere manier nog betrokken bij KMO?


Johan Van Duyse: “Je vais cultiver mon jardin” zoals ooit Voltaire in Candide schreef. Op een bescheiden manier verder bijdragen aan een betere wereld voor mijn gezin, mijn kinderen en kleinkinderen en mijn vrienden en relaties. Maar werken, dat zit er niet meer in, hobby’s wel.

GeenPoespas: Als u toch citeert, in datzelfde boek staat ook “"Le travail éloigne de nous trois grand mots : l'ennui, le vice et le besoin"


Johan Van Duyse : Maak je geen zorgen, ik zal me niet vervelen, ik blijf deugdzaam en mijn pensioen moet wel volstaan om te overleven. (lacht) Nu, meer dan ooit heb ik tijd om mijn grootste hobby, de geschiedenis van De Grote Oorlog tot in de perfectie te beoefenen. Je zal me nog altijd kunnen boeken als gids bij In Flanders Fields.


GeenPoespas: U bent altijd welkom om uw inzichten over KMO te delen via onze blog!


Johan Van Duyse: Zeker, als mijn hobby het toestaat (lacht)


#SDWorx #engagement #johanvanduyse

0 keer bekeken

© 2018 door Lingua Franca Bergstraat 14A B-9190 Stekene BE0440 922 804

  • Facebook Social Icon
  • Twitter Social Icon